Historische Vereniging Zweeloo

Beleidsplan

Toekomst HVZ

De Historische Vereniging Zweeloo heeft ruim 450 leden, een eigen onderkomen met expositieruimte, geen financiële problemen, een redelijk gevuld archief, een gewaardeerd blad “Oet ’t Carspel Sweel” en regelmatig lezingen met diverse interessante onderwerpen. Kortom: de HVZ is een gezonde vereniging.

Toch is het zinvol om wat dieper op een en ander in te gaan en de blik naar de toekomst te richten, omdat er ook signalen zijn dat het niet zo goed gaat.

 

Probleemverkenning

-Het ledenaantal van de Historische Vereniging Zweeloo (HVZ) daalt en de aanwas is beperkt.

-De belangstelling voor de lezingen is meestal niet groot (20 tot 30 personen) en bestaat vaak uit dezelfde personen, ongeacht het onderwerp.

-De leeftijdsopbouw van het ledenbestand is scheef: veel ouderen, weinig middelbare leeftijd, geen jonge leden.

-Onderwerpen waar enthousiast op gereageerd wordt hebben vaak een sterk nostalgisch karakter.

-Gelukkig is er ook belangstelling voor archeologie (vooral over de opgravingen en de vondsten).

-Het instellen van werkgroepen en studiegroepen lukt niet.

-Het inrichten van exposities is moeizaam, omdat met name de verzameling voorwerpen van de HVZ beperkt is.

-De samenwerking tussen de lokale cultureel historische instellingen kan beter.

-Excursies worden niet georganiseerd

 

De doelstellingen van de HVZ zijn te vinden in de statuten (artikel 2)

  • De vereniging heeft ten doel het bevorderen van de studie en het verbreiden van de kennis van de geschiedenis van de gemeente Zweeloo -in de ruimste zin genomen- en het fungeren van ontmoetingspunt voor allen, die zich bij de geschiedenis van de gemeente Zweeloo betrokken voelen.
  • De vereniging tracht haar doel onder meer te bereiken door:
    1. het instellen van werk- en studiegroepen, die zich met een bepaald terrein of onderwerp van de geschiedenis van de gemeente Zweeloo bezighouden;
    2. het organiseren van lezingen, excursies en tentoonstellingen, alsmede het doen van publicaties;
    3. alle overige wettige middelen, welke voor het doel van de vereniging bevorderlijk kunnen zijn.

 

Opmerkingen bij de statuten:

  1. Bedoeld is het gebied van de voormalige gemeente Zweeloo.
  2. De geschiedenis –in de ruimste zin- gaat vanaf de oerknal tot heden. Bovendien kunnen geschiedenisontwikkelingen buiten het gebied, die significante invloed hebben gehad op het gebied, ook onderwerp zijn voor de HVZ.
  3. Het vormen van een eigen collectie wordt niet expliciet genoemd, maar kan begrepen worden onder punt 2b en 2c.

 

Relevante ontwikkelingen

De daling van de ledenaantallen is ook bij andere historische verenigingen te zien. Niet alleen in de vergadering van de CHPC (Stichting Cultureel Historische Projecten binnen de gemeente Coevorden) is dit geconstateerd, ook bij de Drentse Historische Vereniging is dit gaande. Verenigingsleven is –in het algemeen- aan het teruglopen.

 

Bij de jeugd is er belangstelling voor de tweede wereldoorlog.

 

Voor het geschiedenisonderwijs is enkele jaren geleden een Canon van de Nederlandse Geschiedenis opgesteld, met 50 vensters. Ook de gemeente Coevorden heeft zo’n canon opgesteld om het belang van geschiedenis te onderstrepen.


Een breder kader

De gebiedsmarkering is duidelijk, maar de geografische ligging op de zandgronden tussen de (voormalige) veen- en moerasgebieden en de betekenis daarvan voor vele aspecten in de geschiedenis van Zweeloo betekent dat ook provinciale en landelijke geschiedenis voor Zweeloo van belang is.

Ook zijn er tal van zaken (instellingen, particuliere collecties, gebouwen, enz.) die ook op het gebied van de lokale geschiedenis actief zijn, maar waar de HVZ niet direct bij betrokken is.

Men moet dan denken aan: Het Frensenhoes, De Jantina Hellingmolen, De Smid, de NH-Kerk, de (Boer)marken, De Kunstenaarsherberg, Oes eig’n Kraantien, een aantal oorlogsmonumenten en veel verzamelingen bij mensen thuis (archeologische vondsten, knipselarchieven, boekcollecties, kaartcollecties enz.).

Ook zijn er objecten die, vanwege het grotere belang, in provinciale en landelijke musea zijn ondergebracht (zoals de sierraden van de prinses van Zweeloo, de Bronzen Emmer, e.d.)

 

Overwegingen

Het bestuur van de HVZ onderschrijft de doelstellingen zoals beschreven in de statuten. De taak die daaruit volgt: bevorderen en verspreiden van kennis van de geschiedenis van Zweeloo, staat onder druk, omdat de belangstelling vooral aanwezig is bij de wat oudere bevolking. Om te voorkomen dat over enkele jaren er nauwelijks nog leden zijn, is het nodig dat de belangstelling van anderen-dan-de-ouderen gewekt wordt.

bevragen

We willen graag weten welke onderwerpen de mensen interessant vinden en kunnen daarvoor een oproep doen in de OEK of de OET. (In diezelfde oproep kan gevraagd worden wat men in huis heeft dat voor de HVZ belangrijk zou kunnen zijn, zoals boeken, foto’s, documenten, gebruiksvoorwerpen, enz.)

samenhang

Er zou veel meer samenhang moeten komen tussen de verschillende activiteiten van de HVZ. Een tentoonstelling zou voorafgegaan kunnen worden door een lezing over dat onderwerp en ook zou er in de OET aandacht aan besteed kunnen worden. (de volgorde kan natuurlijk ook anders zijn). Een excursie, als dat zou passen, kan ook daaraan gekoppeld worden. Gastschrijvers uitnodigen voor specifieke onderwerpen voor de OET. Het geheel kan worden aangekondigd in de OEK.

plannen

Er zou gewerkt moeten worden met een lijst van onderwerpen, die dan gebruikt kan worden voor de OET, de exposities en lezingen. Samen met de bovengenoemde samenhang kan zo een jaarprogramma worden afgesproken dat krachtig is (samenhang), overzichtelijk (bijvoorbeeld 2 grote thema’s per jaar) en uitvoerbaar (planmatig werken).

uitdragen

We zouden groepen voorlichting moeten geven over onze activiteiten. Daarbij kan gedacht worden aan Vrouwen-van-Nu, Scholen, Boermarken. Daarmee wordt de bekendheid vergroot en enthousiasme aangewakkerd. Die samenkomsten zouden een structureel karakter moeten krijgen.

koepel

Een ander aspect is dat activiteiten van instellingen, die zich met de geschiedenis bezighouden, versnipperd zijn. Een koepelorganisatie, waar alle instellingen hun activiteiten op elkaar afstemmen, kan versterkend werken.

jeugd

Het interesseren van de jeugd moet speciale aandacht krijgen. Overleg met de schoolhoofden en leraren moet structureel en verplichtend zijn. Een idee is om een (gratis) jeugdabonnement in te stellen.

 

Losse punten

Canon van de Geschiedenis: inspiratie voor thema’s

Scholen benaderen voor onderwerpen uit de lokale canon.

OET in wachtkamers leggen (artsen, tandartsen, kappers)

Collecties van particulieren thuis.

De Waog aanpassen: glazen wand.

Drents Archief benutten: bezoek, leverancier van films e.d.

 

Uitvoering

Bevragen

*Artikel schrijven voor “Oes Eig’n Kraantien” waarin verteld wordt over onze activiteiten met de vraag om te reageren: Wat zou u willen lezen in de OET. Waarover zou u meer willen weten. Wat heeft u te bieden (artikel voor OET of spullen voor een expositie). Reacties stimuleren door een prijsvraag of een proefabonnement?

*Een groep lezers uitnodigen voor een gesprek over wat men interessant vindt. Daarin alle mogelijkheden open houden. Enthousiasme is in zo’n fase belangrijker dan realisme. Met deze groep later een vervolgtraject ingaan met een realistisch voorstel.

*Met de basisscholen (onderwijzers) in gesprek over de rol die de HVZ zou kunnen spelen. Hoe kunnen wij onderdeel worden van het onderwijs?

Samenhang

*Er zijn tentoonstellingen te maken over verschillende onderwerpen:

Voorbeelden: Vervoer, Belangrijke personen van Zweeloo, Onderwijs, Bedrijvigheid, Landschapsontwikkeling, Rampen, Communicatie (kranten, telefoon, roddel, seinen), Bestuur (verschillende niveaus), Dagelijks leven en Voeding, Kerk. Bij deze tentoonstellingen worden artikelen geschreven in de OET. Tevens worden er korte smaakmakers geproduceerd voor plaatsing in de OEK, Coevorder Krant, Veldenkrant en meer.

Bij deze tentoonstellingen sprekers uitnodigen die het onderwerp vanuit hun deskundigheid behandelen.

*Uitgangspunt kunnen ook artikelen in de OET zijn, waar dan een spreker, of een film, of een kort stukje in de OEK, of dat allemaal, op de tijd van verschijnen van zo’n artikel wordt georganiseerd.

*Voor artikelen in ons blad Oet ’t Carspel Sweel kunnen we denken aan: Trouwen, Bedrijfsopvolging, Kleding, Godsdienst, Schapen, Brandstoffen, Landbouwproducten, Migratie, Vee, Politiek, Kunst, Verpozing, Drank, Taal, de Es, Heide Veen en Zand, Hygiëne, Gezondheidszorg, Schuinsmarcheerders, Huisdieren, Huisraad, Muziek, Wapens, enzovoort.

Plannen

Het vorige item vraagt om een goede planning. Liever één ding goed dan vier dingen half.

Jaarlijks moet er een lijst(je) worden opgesteld van onderwerpen die dat jaar aan de orde komen. Het ritme van het uitkomen van ons periodiek bepaalt hoeveel onderwerpen worden aangepakt en wanneer dat gebeurt.

De redactie heeft een cruciale stem in dit proces. Het Drents Archief kan ook betrokken worden, omdat daar kennis en materiaal aanwezig is.

Uitdragen

*Het stuk in de OEK is een voorbeeld van het breder bekendmaken van onze activiteiten. Het uitnodigen van groepen om hen te informeren vraagt een goede planning. Groepen waar we ons toe moeten richten zijn: Vrouwen-Van-Nu, de verschillende Boermarken, Scholen/onderwijsteams en … (dit moet verder worden aangevuld…) Voor dergelijke gesprekken is een praatstuk nodig, zodat de informatie die wij geven vastligt en de vraagstelling ook. De uitkomsten van die gesprekken zijn dan goed te verwerken.

*Een ander mogelijkheid is in wachtkamers van doctoren, tandartsen en kappers folders te leggen en het laatste nummer van de OET.

*Folders bij COOP, Tramlokaal, Hegen, Tante Sweel, Wapen van Aelden enz. moeten standaard worden en actueel gehouden.

Koepel

Tweemaal per jaar roept de Kunstenaarsherberg nu de instellingen bijeen die zich met kunst bezig houden. Daar wordt uitgewisseld welke plannen men heeft, zodat voorkomen wordt dat men elkaar dwarszit en het mogelijk wordt elkaar te versterken.

Dat zou ook op het gebied van de geschiedenis moeten plaatsvinden. De groepen waar het om gaat zijn: Het Frensenhoes, De Jantina Hellingmolen, De Smid, de NH-Kerk, de (Boer)marken, De Kunstenaarsherberg en Oes eig’n Kraantien. Als eerste aanzet is afstemming (eens per jaar) een verbetering. Doel zou kunnen zijn: een duidelijker afbakening van de terreinen (figuurlijk) waarop men werkzaam is en een bewustwording van de verschillende rollen. Richt men zich alleen op de eigen bevolking of ook op de toerist en de dagjesmens.

Voor die jaarlijkse bijeenkomst is een praatpapier nodig zodat de zin van de bijeenkomst helder is. (voor komen dat men afhaakt)

Dat overleg kan leiden tot interessante perspectieven en betrokkenheid. (denk aan het voortbestaan van de smidse).

Jeugd

*Het overleg met de basisscholen is al genoemd.

*Een jeugdabonnement is een optie, maar dan moet het wel tot lezen leiden. De huidige teksten zijn daarvoor minder geschikt. Een pagina voor de jeugd is een mogelijkheid.

*Aan leerlingen zou gevraagd kunnen worden een keus te maken uit een lijst onderwerpen die zij zouden willen lezen. Ook dit zou met het onderwijsteam besproken kunnen worden.

Losse punten

De toegankelijkheid van de GAANDERIJ is nu geregeld. De Waog wordt alleen bezocht via de wandelingen van de TIP. Een venster/glazen wand zorgt voor een continue openstelling, maar tast het gebouw erg aan.

Een adres (op een bordje aan de Waog) waar men naar kan bellen voor een bezoek, zou in een paar gevallen al wat meer openheid opleveren.


Agenda